nature 4356959 640Veengroei duurde 6000 jaren, de afgraving ervan 200 jaren. Door Jeroen Wiersma, onderzoeker.

In de komende maanden wordt er vanuit het Kenniscentrum Landschap (Rijksuniversiteit Groningen) gewerkt aan een landschapsbiografie waarin de rijke cultuurhistorie van het landschap rondom Hollandscheveld, Elim, Nieuwlande en Noordscheschut wordt blootgelegd. Een landschapsbiografie beschrijft de levensloop van een landschap. Hoe is het landschap in de loop der eeuwen veranderd en wat vinden we daar nog van terug in het landschap van vandaag? Hoe veranderde het menselijke gebruik van het landschap in die tijd? Welke sporen van het verleden kun je in het huidige landschap herkennen? En welke betekenis heeft dit alles voor ruimtelijke vraagstukken in onze tijd? Een landschapsbiografie is een goed hulpmiddel om de invloed van de mensen op het landschap door de eeuwen heen te onderzoeken en te verklaren. Tijdens het onderzoek naar de landschapsgeschiedenis van Hollandscheveld, Elim, Nieuwlande en Noordscheschut wordt gekeken naar de invloed die de bewoners hebben gehad op de vorming van het landschap. Om tot een landschapsbiografie te kunnen komen, moet er allereerst zoveel mogelijk informatie over het landschap worden verzameld. Die informatie is te vinden in reeds gepubliceerde onderzoeken, boeken, op oude kaarten, op bodemkaarten, hoogtekaarten en in het archief. Daarnaast worden er binnen dit onderzoek gebiedskenners geïnterviewd en gaan we in het veld boringen verrichten om meer te weten te komen over de bodem.

De bodem van het landschap dat nu voor een groot deel aan de oppervlakte ligt, werd gevormd tijdens de laatste ijstijd (110.000 tot 12.000 jaar geleden). Het is een zandlandlandschap met her en der opvallende hoogteverschillen. Dat reliëf is in de bossen van Hollandscheveld nog goed waar te nemen.  Toen de laatste ijstijd zo’n 12.000 jaar geleden op zijn einde liep, veranderde het met dekzand bestrooide en glooiende landschap in een bosrijke omgeving met in eerste instantie naaldbomen, gevolgd door loofbos. Zo’n 6000 jaar geleden kwam er in de lagere delen van het landschap veengroei tot ontwikkeling. Dit veenpakket heeft zich in de daaropvolgende duizenden jaren ongestoord uit kunnen breiden tot een enorm hoogveenkussen. Het veen is door de verveningen vrijwel geheel verwijderd en werd in met name de grote steden opgestookt. Dat gebeurde hoofdzakelijk in de periode tussen 1650 en 1850. Binnen de landschapsbiografie zal deze periode ruim onder de aandacht worden gebracht. De kenmerkende verdeling van het landschap in lange stroken grond met daartussen de wijken ontstond in deze periode. 

Als onderzoekers doen we graag een beroep op u als inwoner van het gebied. Uw bijdrage kan waardevol zijn voor het schetsten van de naoorlogse ontwikkelingen in het gebied.

Wat is er in uw herinnering in de afgelopen decennia veranderd? En welke plekken zijn nog hetzelfde gebleven? Op welke plekken in het landschap zijn bijzondere verhalen te vertellen? Wat is uw favoriete wandelgebied, en waarom? Mocht u op deze vragen willen reageren, of heeft u nog mooi oud beeldmateriaal dat volgens u in de landschapsbiografie zou moeten worden opgenomen, schroom dan niet, en neem contact op met Jeroen Wiersma, onderzoeker van Het Kenniscentrum Landschap. Jeroen is te bereiken via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

Ook mag je dit sturen naar Roelof Koops ( Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. )

26. Uw bijdrage waardevol landschapsbiografie Bijschrift bij kaartje:

Topografisch kaart rond 1900. Groen is bos.

Pin It