De huurverhoging in de ‘sociale’ sector bedraagt dit jaar per 1 juli 3,6%. Nog te hoog. Het sociaal minimum steeg per 1 januari 2026 met ongeveer 2,15%. Het is dus niet zo dat de hoogte van de uitkeringen sneller stegen dan de huren. Daar komt bovenop de toenemende lasten van energie, zorg en boodschappen. De woningcorporaties nemen weer de maximale ruimte die ze krijgen van de overheid, ook DOMESTA.
Woningcorporaties vinden altijd een ‘excuus’ voor huurverhogingen. Eerder de verhuurderheffing, nu prestatieafspraken. Woningcorporaties maken formeel geen winst. In de praktijk zijn het vastgoedbedrijven die steven naar een beursgang. De huurstijgingen dienen ook een ander doel. Volgens de CAO (2025–2027) stijgende de salarissen van medewerkers van woningcorporaties met 6,6% en de eindejaarsuitkering zal toenemen van 2 naar 4%. Het jaar hiervoor steeg hun CAO loon ook al flink. De salarissen van bestuurders liggen boven ver boven de Wet Normering Topinkomens semi publieke sector en is langs allerlei sluipwegen te omzeilen.
Woningcorporaties plegen ook beleggingen en hoe groter de woningcorporatie hoe hoger de bestuurdersalarissen. Deze zijn niet inzichtelijk voor het publiek, hoewel het publiek geld betreft. De huurder betaalt dus alles. Dus ook de wijkbeheerder en gebiedsregisseur en PR acties zoals ‘gratis’ isolatiemateriaal. Wijkbeheerders zijn indirect een bezuiniging van de gemeente, die dit werk voorheen deed, en nu de huurder dus ook betaald. Mijn ervaring is ook dat huurder verenigingen niets te makken hebben in het beleid en de gedragingen van de verhuurder. Huurder verenigingen vormen een informatiebron en bron van goedkope vrijwilligers. Helaas neigen woningcorporaties steeds meer naar een verdienmodel, dan een sociale voorziening.
Ronald Wilfred Jansen, Hoogeveen
